|
Seizoenswissel
Ik kan mij vanuit mijn kinderjaren niet herinneren dat mijn moeder bij het verschijnen van de eerste narcissen in het voorjaar de kriebels kreeg en er een week voor uit trok om de wintergarderobe te verruilen voor die van de zomer. Zo kan ik mij dus ook niet herinneren dat zij in het najaar, als de herfstbladeren beginnen te vallen, opnieuw de kastenruil uitvoerde, maar dan die van het zomergoed voor het wintergoed. Dit heeft uiteraard niets met mijn moeder te maken, maar met het feit dat je ‘s zomers in Nederland net zo goed een trui aan kan hebben als in de winter en de garderobewissel geen actuele gewoonte meer is. Ik herinner me namelijk wel de verhalen over toen zij klein was, over hoe bij de wisseling van het seizoen wel degelijk huis en haard een beurt kregen, hoe voor- en achterkamer omgezet werden om eens een "nieuwe kijk" te hebben op het dagelijks leven en over hoe de duffelse broeken en dikke truien al dan niet werden weggeborgen of tevoorschijn gehaald.
Voor mij was die garderoberuil dus volstrekt nieuw toen ik in Italië kwam wonen. Niet dat ik het na één seizoen al in de gaten had, nee, dat heeft even geduurd. Wanneer het voorjaar begint, dient het wintergoed gewassen en gestreken in motbestendige dozen worden gepakt en achter of boven in de kast te worden gezet. De zomerkleren komen dan vooraan te liggen en als alles goed is, zijn die nog steeds schoon en gestreken van de vorige seizoenswissel....Ik heb heel wat moeten leren. En het gekke is: je komt er niet onderuit, want hier draag je s zomers niet dezelfde kleren als s winters en andersom. Hier wordt je leven twee keer per jaar verruild en daar is iedereen op ingesteld. Zo ook de supermarkt. Ik had het er deze week nog over met twee van onze gasten, Ed en Sonja, om er zeker van te zijn dat die seizoenswissel intussen ook niet in Nederland is (her-)ingevoerd. Dat zou toch gekund hebben na zon hete zomer!
Bij ons krijg je het startsignaal van de supermarkt: op het moment dat je daar in de schappen opbergdozen, mottenballen, lavendelzakjes en antitochtstrippen ziet liggen, met als aanvulling voor de koude plavuizen pantoffels en warme sokken, dan weet je: de herfst is in aantocht. Sinds kort koop je er in de herfst ook body warmers voor het hele gezin.
In het voorjaar gaat het er nog levendiger aan toe: dan worden alle dweilemmers uitgestald, nieuwe deurmatten, bezems in alle maten, je kunt gordijntjes en tafelkleden krijgen en natuurlijk de onvermijdelijke opbergdozen, mottenballen en plastic verpakkingen voor winterjassen en overhemden. Zoals de body warmer in de herfst tot het kledingassortiment behoort, krijg je in het voorjaar ondergoed voor hem en voor haar.
Soms vertel ik mijn ongelovige gasten uit Noord Europa hoe wij tegen eind augustus gaan smachten naar lange broeken en dichte schoenen, dat wij van die warme zomer net zo genoeg hebben als in februari van de winter. We kijken uit naar voorjagende wolken, de geblakerde stoppels nadat de gemaaide korenvelden zijn afgebrand, en naar de veranderende kleur van de kleigrond als de boer er met zijn trekker de eerste voren ingetrokken heeft. Of misschien heeft het alleen te maken met het feit dat we altijd uitkijken naar iets nieuws, een nieuw begin? Want zodra de regen komt en we plotseling echt de regenjassen te voorschijn moeten halen, begint de heimwee naar de zomer. We proberen de artikelen voor de seizoenswissel in de supermarkt te negeren en stellen het verruilen van de garderobes zo lang mogelijk uit. We blijven zo lang mogelijk lopen met blote benen en onder de eerste lange broek dragen we hardnekkig onze slippers. Totdat het eerst kind gaat sniffen en hoesten. Dan is de tijd aangebroken de seizoenswissel te beginnen en plotseling zit je ’s avonds te rillen in je stenen huis. Gisteravond was het zover. Ik trok mijn dikke Peruaanse vest aan en werd door Massimo met grote ogen aangekeken: "Gister liep je nog in dat dunne hemdje!"
Ik denk echt dat ik er deze week aan moet geloven....
|
|
|