|
Fiera
Sinds een week is de school weer begonnen na een vakantie van 13 weken. Dat houdt in: een kwart jaar thuis, een hele kluif voor ouders èn kinderen. De laatste worden een soort primitieve wezens, tenminste, als je er niet voor zorgt een bepaald dagritme te handhaven. Daarbij moet er ook gezorgd worden dat hetgeen de kinderen geleerd hebben in het afgelopen schooljaar niet in een donker hoekje van het brein terecht komt: het vakantieboek (facultatief schoolboek voor de zomer) biedt uitkomst maar vergt ook discipline.
Vanaf ongeveer half augustus begint iedereen te roepen dat binnenkort de school weer begint, ook al hebben de kinderen dan nog een maand vakantie voor de boeg.
Het gekke is dat wie je er ook over spreekt, iedereen het erover eens is dat de vakantie te lang is. Maar de school is eigendom van de staat en dus beslist de staat. En die heeft andere dingen aan zijn hoofd.
Het resultaat is dat kinderen en ouders werkelijk reikhalzend uitkijken naar die dag half september, alsof het om de eerste vakantiedag gaat. Er klinkt een zucht van verlichting.
En alsof er een knop wordt omgedraaid begint iedereen zich te gedragen of het herfst is.
Die wordt in Volterra dan ook ingeluid met de Fiera, een jaarlijks terugkerende feestelijke suikerspinnenmarkt, zoals ik het noem. Het is een markt van vrolijk verlichte kraampjes vol snoepgoed: gepofte rijst, noga in alle soorten, gebrande amandelen en hazelnoten, dropsleutels, maar ook kraampjes die hoog zijn opgetast met het meest weerzinwekkende speelgoed dat je je maar kunt voorstellen. Verder worden er dekbedden en wollen dekens verkocht en zijn er standjes met Peruaanse vesten in alle soorten en maten en koop je drie paar sokken voor 5 euro. De eerste tekenen van de komende herfst.
Het mooiste kraampje bestaat uit een overdaad aan gekonfijte inheemse en uitheemse vruchten, uitgestald in grote manden wat werkelijk een lust voor het oog is. Zo zie je er enorme papajas, gekonfijte ananasschijven, knotsen van olijven, reusachtige gedroogde abrikozen, bossen Siciliaanse oregano en kappertjes zo groot als knikkers. Ieder jaar gaan we erheen omdat het bij het ritueel hoort. En ieder jaar weer lever ik met de kinderen de strijd om het weerzinwekkende speelgoed. Alle kinderen mogen iets kopen want het is "hun feest" en we komen altijd gefrustreerd thuis. Zij zijn niet blij en ik ook niet. Ik ben te principieel. Gelukkig neemt Massimo dit jaar de taak van me over als we tegen 7 uur ’s avonds naar de Fiera gaan. Het is nog niet donker maar de zon is weg en de lampjes in de kraampjes geven veel gezelligheid. Alle kinderen lopen er aan zuurstokken te likken en hebben ballonnen in hun hand. Want vandaag mag het. Het is de laatste traktatie van de zomer nu het normale leven weer is aangebroken.
Terwijl ik een heerlijk geurende bos oregano uitkies, onderhandelt Massimo met de kinderen over speelgoed. Heerlijk om me eens afzijdig te kunnen houden. Ze kiezen een plastic geval uit en het valt me mee. Iedereen is blij en we gaan tevreden naar huis alwaar we een diepgevroren pseudo-pizza in de oven schuiven. Toch wel lekker, zon dag waarop het ook eens onverantwoord mag!
|
|
|